De magie van Shikoku

De magie van Shikoku

17,50

Hoe komt een vrouw van in de veertig, ertoe om in haar eentje een wandeltocht te maken in het verre Japan? Een pelgrimage van 1200 kilometer langs 88 boeddhistische kloosters op het tropische eiland Shikoku. ‘Wat ik heb teruggevonden is een zekere onbevangenheid; een gevoel van compleet zijn en tijdloosheid dat ik helemaal kwijt was geraakt.’

 

5 op voorraad

Beschrijving

“Soms denk ik dat ik 44 jaar geleden door een Japanse kraanvogel bezorgd moet zijn.” Na jaren intensieve voorbereiding begon Yvonne Schoutsen eind 2013 aan een 1200 kilometer lange wandeling rond het Japanse eiland Shikoku. Een pelgrimstocht in de voetsporen van de boeddhistische monnik Kōbō Daishi die wel wordt omschreven als een symbolisch pad naar verlichting − met vier reisetappes die traditioneel worden gekoppeld aan ‘het ontwaken’, ‘ascese’, ‘de zoektocht’ en ‘nirvana’. Schoutsen: “Achteraf kan ik zeggen dat wat ik heb teruggevonden een gevoel van compleet zijn en tijdloosheid is dat ik volledig was kwijtgeraakt.”

Hoe komt een vrouw van in de veertig, ertoe om in haar eentje een wandeltocht te maken in het verre Japan? Een pelgrimage van 1200 kilometer langs 88 boeddhistische kloosters op het tropische eiland Shikoku. Avonturiers kun je onderverdelen in drie categorieën. Ik behoor tot geen van deze drie. Een gesprek met Yvonne Schoutsen over de toevalligheden die hebben geleid tot de spirituele reis van haar leven. ‘Wat ik heb teruggevonden is een zekere onbevangenheid; een gevoel van compleet zijn en tijdloosheid dat ik helemaal kwijt was geraakt.’

Het was nog mooier dan ik me had kunnen wensen, zegt Yvonne Schoutsen, doelend op de magie van Shikoku. ‘Het zit er vol met insecten, spinnen, slangen en schildpadden. De rivieren zijn blauwer en helderder dan ik ooit heb gezien en de Stille Oceaan is werkelijk schitterend. Dagenlang heb ik er langs gelopen en mogen genieten, ondanks de extreem vele tyfoons. Vele dagen heb ik door regenbuien gelopen met mijn rugzak van acht kilo onder een regencape, mijn strohoed onder een hoesje en mijn schoenen omhuld met plastic. Maar mijn humeur heeft er niet onder geleden.’

Europeanen denken bij een al gauw aan de wandel-, fiets- of ezeltocht naar Santiago de Compostella. Maar wie heeft ooit gehoord van een pelgrimstocht in de voetsporen van de boeddhistische monnik Kōbō Daishi? Een lange tocht over bergen, door steden en langs de oceaan; door vier provincies die elk hun eigen sfeer en cultuur hebben. Maar ook een symbolisch pad naar verlichting, waarbij vier bewustzijnstoestanden worden doorlopen – met aan het eind de staat der gelukzaligheid. Yvonne Schoutsen: ‘Er is veel bekend over mensen die naar Santiago lopen. Japan is veel onbekender en mysterieuzer. Het Japanse boeddhisme is aards, maar zit ook vol prachtige rituelen en verhalen.’

De aanleiding voor haar Japan-liefde is geen boek of film geweest. De kiem blijkt gelegd door een penvriendschap. En door die vriendschap op afstand belandde Yvonne in 2004 voor het eerst in Japan. ‘Een onmiddellijk gevoel van thuiskomen. Japanners vond ik leuk en mooi, vriendelijk, beleefd en niet opdringerig. De taal had een prachtige klank en van die klank ging een enorme aantrekkingskracht uit. De tekentjes bespeelden mijn behoefte om dingen uit te pluizen en te willen leren. Zoals je wel hebt met een leuk nieuw liedje op de radio. Ik werd vrolijk van die klanken en wilde ze vaker horen.’

Terug in Nederland had ze heimwee. Elke dag eigenlijk. Naar de bergen, de vijvers met schildpadden, de blauwe zee direct naast de weg en het land waar ze zich veilig voelde. Ze herkende zich in de Japanse liefde voor eenvoud in kleding, tuinen en kalligrafie. De Japanse neiging alles schoonheid mee te geven.  ‘Er ging een deur voor me open naar een wereld die me verleidde. Om er onmiddellijk aan toe te voegen:  Maar vergis je niet, er is ook veel lelijkheid in het straatbeeld – dat vaak juist rommelig aandoet, er is veel beton en overal zie je schreeuwerige reclame-uitingen.

‘Alles leek in de jaren voor mijn tocht op zijn plek te vallen. Net als in een dominobaan staan er vele steentjes op een rij klaar en als er eentje omvalt neemt het ene steentje het volgende mee in zijn beweging. Vanaf 2011 leek alles gericht op dat ene doel: het lopen van deze tocht. Maar ook alles vóór die tijd duwde me als het ware in die richting. Elke serieuze pelgrim begint de 88-tempeltocht bij het graf van Kōbō Daishi, maar ik was daar al in 2004 voordat ik zelfs maar wist wie de goede man was.’

En nu ben je terug. Wat viel je onderweg het meeste op?

De vriendelijkheid van de bevolking op het eiland. Als pelgrim ben ik altijd begroet met een glimlach en een vriendelijk woord. Iedereen leek aardig en steeds opnieuw kreeg ik zomaar iets toegestopt: een handdoekje als ik nat geregend was, een stoel wanneer ik moe was, een flesje drinken of een paar mandarijnen, maar ook geld of zelfs een hele maaltijd. Giften in allerlei vorm. Bijzonder om mee te maken. Het maakt je dankbaar.

‘Ik heb het meegemaakt dat ik zomaar ergens binnen werd gevraagd, precies op het moment dat ik de uitputting nabij was. Ik herinner me een dag, op het heetst van de dag, bij 34 graden, dat een vrouw twee icepacks onder mijn zweetsjaaltje stopte. Weer zo’n ervaring die me een brok in de keel gaf.’

Wat heeft de tocht je gebracht?

Het lopen van de tocht heeft mij intuïtiever gemaakt. Als kind kende ik een zekere onbevangenheid en beweeglijkheid. Gedachten zaten nog niet in de weg. Maar ergens onderweg van kindertijd tot volwassene lijkt het wel of er essentieels is verloren. We zijn gaan leven vanuit het hoofd. Alles lijkt verantwoord of rationeel te moeten worden benaderd. Het speelse element is uit onze levens verdwenen.

‘Al op jonge leeftijd worden kinderen overvoerd met informatie. Ze moeten presteren. Dromen worden omgezet in doelstellingen. Achteraf kan ik zeggen dat deze reis me geholpen heeft om die verloren gevoelskant terug te vinden: een zekere onbevangenheid en een gevoel van compleet zijn dat ik helemaal was kwijt geraakt.  Je kunt op zo’n lange voettocht gewoon niet alles van tevoren bedenken. Je reist op gevoel. De route ligt weliswaar vast. Maar verder zijn alle gebeurtenissen en stopplekken een verrassing. Het lopen van deze tocht heeft mij geleerd dat ik tevreden kan zijn met weinig. En dat niets de moeite waard is om je druk over te maken. Stressen helpt je toch nooit verder.’

En je verlangen naar Shikoku? Is dat gebleven?

‘Voor mij is dat verlangen te vergelijken met verliefdheid. Een verliefdheid op afstand. Het graag bij de ander willen zijn. Verlangen behelst alles. Het is een uitreiken met al je voelsprieten, denken aan een fysiek willen zijn op een plaats buiten jezelf. Bij mij betekent het nu dat ik me verbonden voel met veel meer dan ik kan bedenken. Namelijk met alles wat er is.  Al op jonge leeftijd is ons geleerd niet meer in sprookjes te geloven. Dromen werden omgezet in doelstellingen. Maar wat als blijkt dat bepaalde sprookjes toch bestaan. Na mijn reis kan ik zeggen dat dit is wat ik in het Oosten heb teruggevonden. Een zekere onbevangenheid en een gevoel van compleet zijn en tijdloosheid dat ik helemaal was kwijt geraakt.’

Het bovenstaande is een sterk ingekort uittreksel uit het interview dat Vruchtbare Aarde in het zomernummer 2-2014 had met Yvonne Schoutsen.

 

Extra informatie

Gewicht10 g
Afmetingen22.2 × 15 × 2.1 mm
Uitgeverij

Uitgeverij Suchi

Verschijning

2015

Aantal pagina's

270

Bindwijze

Hardcover

Taal

Nederlands

Auteur

Yvonne Schoutsen